Logica’s

Nederland kent een vakbondsprofessor. Zijn naam is Paul de Beer. Hij is hoogleraar aan de UvA en directeur van het AIAS, het instituut voor arbeidsstudies. Zijn oratie uit 2003, draagt de veelzeggende naam: ‘Heeft de vakbeweging haar taak volbracht?’

In zijn oratie somt de Beer de tien geboden van de vakbeweging op en onderwerpt ze aan een grondige evaluatie. Zijn conclusie is dat de vakbeweging veel bereikt heeft, maar nog lang niet overbodig is geworden. Met name waar het gaat om het individuele belang is de vakbond erg succesvol geweest: ‘Het inkomen van werknemers én van niet-werkenden is sterk verhoogd, de arbeidsomstandigheden zijn fors verbeterd, de arbeidsduur is gehalveerd, de gemiddelde werknemer is veel beter opgeleid, heeft meer te zeggen over het eigen werk en is een kleine ‘kapitalist’ geworden en de arbeidsdeelname en beloning van vrouwen is sterk gestegen.’ Op het gebied van het collectieve belang is nog een wereld te winnen volgens de Beer. Hij doelt hier met name op het feit dat de inkomensverdeling schever is geworden, dat de sociale zekerheid verder wordt uitgekleed, dat ondernemingen nog steeds weinig democratisch zijn en dat de werkzekerheid in economisch moeilijke tijden maar moeizaam behouden blijft.
In een ander artikel van de hand van diezelfde vakbondsprofessor haalt hij twee principes aan voor de vakbeweging: de ‘logic of influence’ en de ‘logic of membership’. Het eerste principe verwijst naar de vakbeweging die zich als lobbyclub inzet voor een brede politieke doelstelling, het tweede principe verwijst naar een vakbeweging die de belangen van haar leden vertegenwoordigt (juridische dienstverlening, het afsluiten van cao’s).

Het probleem waar de vakbeweging mee geconfronteerd wordt is dat de ‘logic of membership’ minder vanzelfsprekend wordt. Zoals Paul de Beer stelt, heeft de vakbond reeds veel bereikt op dit gebied. We hebben het dan over arbeidsomstandigheden, opleidingskansen, en beloningsstructuren. Misschien moet je wel concluderen dat de vakbond zo succesvol is geweest, dat ze zichzelf overbodig heeft gemaakt. Ten aanzien van de individuele vertegenwoordiging biedt de vakbond weliswaar een aantrekkelijke dienst, maar helaas wel een dienst die mensen ook via andere kanalen (zoals rechtsbijstandverzekeringen) goedkoper kunnen inkopen. Bovendien denken veel mensen (overigens vaak onterecht) dat ze hun eigen boontjes best kunnen doppen. De ‘logic of membership’ is dus voor veel mensen verdwenen, iets wat zich uit in de teruglopende ledenaantallen.

Blijft over de ‘logic of influence’, de vakbeweging als lobbyclub voor werknemersbelangen in de breedste zin van het woord. Ik ben het met Paul de Beer eens dat er op dit gebied nog een wereld te winnen is. Het al maar schever worden van de inkomensverdeling en de ontmanteling van het sociale vangnet zijn maar twee van de vele voorbeelden. De vraag is echter of de vakbeweging hiervoor de aangewezen organisatie is. Het lijkt me in eerste instantie een taak van politieke partijen. De invloed van de vakbeweging is weliswaar geïnstitutionaliseerd in de Nederlandse sociale verhoudingen, maar door teruglopende ledenaantallen en interne conflicten is die macht tanende. De terugloop is te verklaren omdat het vakbondslidmaatschap verkocht wordt aan de hand van de vertegenwoordiging bij cao’s en het juridisch loket, precies die facetten van het vakbondswerk waar de mensen steeds minder behoefte aan hebben.

Ik geloof sterk in de ‘logic of influence’ voor de vakbeweging. De invloed van lobby op het overheidsbeleid moet niet worden onderschat, en de vakbeweging is essentieel voor een gezond ‘lobbyevenwicht’ op het gebied van sociale verhoudingen. Als alleen de werkgevers zich laten horen zal dat leiden tot ontmanteling van werknemersbelangen op overheidsniveau analoog aan de deregulering in de financiële sector. Daar was de dereguleringslobby van banken mede succesvol dankzij het ontbreken van tegenwicht, namelijk de lobby voor de consumentenbelangen.

Het staat voor mij als een paal boven water dat als de vakbeweging zich op het terrein van de ‘logic of influence’ sterker wil maken, het zich ook op die manier moet profileren. De vakbeweging moet zich meer als politieke partij gaan gedragen. Laat je achterban weten op welke terreinen buiten de ‘logic of membership’ je succesvol bent geweest. En richt de organisatie ook zo in dat er ruimte komt voor de ‘logic of influence’. Voer bijvoorbeeld een tientjeslidmaatschap in voor mensen die wel geloven in de vakbeweging als lobbyclub voor werknemersbelangen, maar niet in cao’s of juridische hulpverlening. Volgens mij ligt daar de toekomst voor de vakbeweging.